klaslokaal

Op 4 maart 2026 presenteerde het onderzoeksproject CLAIRE (Clean Air for Everyone) zijn eindresultaten. Het onderzoek ging over de mogelijkheden en beperkingen van mobiele luchtreinigers ten aanzien van de binnenluchtkwaliteit in klaslokalen en zorginstellingen.

Het onderzoek is opgezet in de Corona-tijd en uitgevoerd in samenwerking tussen publieke (universiteiten) en private partijen zoals installateurs en fabrikanten van luchtreinigers. Er werd gekeken naar de effectiviteit van luchtreinigers, in eerste instantie ter voorkoming van verspreiding van het Coronavirus. Later verbreedde het onderzoek naar aerosolen. Aerosolen zijn fijne druppeltjes of deeltjes in de lucht, zoals druppeltjes met virus of andere ziekteverwekkers, maar ook fijn stof.

Kernbevindingen

Ventilatie blijft essentieel

Het CLAIRE‑onderzoek laat zien dat ventilatie de belangrijkste basis is voor gezonde binnenlucht. Mechanische ventilatie voert aerosolen sneller af dan natuurlijke ventilatie. En met CO₂‑metingen, of CO2-sensor gedreven mechanische ventilatie, kunnen scholen en zorginstellingen hun ventilatie verbeteren. Dit blijft een belangrijk aanknopingspunt voor GGD‑adviezen.

Mobiele luchtreinigers hebben beperkte werking

Mobiele luchtreinigers hebben nauwelijks effect op virussen en bacteriën in gebruikte klaslokalen. De eerste resultaten geven indicatie van een beperkte vermindering van de fijnstofconcentratie, maar er zijn nog aanvullende analyses om hier uitsluitsel over te geven. In laboratoriumsettings hing de effectiviteit sterk af van juiste plaatsing en goed onderhoud: zonder onderhoud neemt de werking merkbaar af. Luchtreinigers kunnen dus ondersteunend zijn, maar niet dienen als infectiepreventiemiddel — een belangrijk signaal voor de praktijk, waar verwachtingen soms te hoog liggen.

Praktisch gebruik vraagt betere instructie

Uit gesprekken met leerkrachten en facilitair personeel blijkt dat luchtreinigers meestal acceptabel worden gevonden, zolang geluid, formaat en onderhoud beheersbaar zijn. Dat bleek niet altijd het geval. Daarnaast bleek dat kennis over het juiste gebruik bij leerkrachten en facilitair personeel beperkt is, en werden de mogelijkheden van luchtreinigers soms (fors) overschat. Dat leidt in de praktijk tot verkeerde verwachtingen, verkeerd gebruik en minder effect dan theoretisch mogelijk.

Aanhoudende maatschappelijke urgentie

De resultaten benadrukken de maatschappelijke urgentie van schone binnenlucht. Schone binnenlucht blijft cruciaal voor kwetsbare groepen; slechte lucht verergert onder andere astma en COPD. Een integrale aanpak waarin ventilatie, gedrag, onderhoud en realistische verwachtingen samenkomen, is noodzakelijk. Dat bevestigt de bestaande advieslijn van de GGD.

Wil je meer weten over het CLAIRE-project en het eindcongres? Lees meer op de website van CLAIRE-project.
Meer over de GGD advisering over binnenmilieu en gezondheid lees je via GGD GHOR Nederland.

 

April 2026